4.3 Spectrum
Wit licht is opgebouwd uit een mengsel van vele soorten gekleurd licht. Door middel van een prismakan het 'witte' licht gebrokenworden in de kleuren waaruit het licht bestaat. De kleurenband die dan ontstaat wordt een spectrum genoemd. De hoofdkleuren die daarbij ontstaan zijn: rood, oranje, geel, groen, blauw, indigo en violet. Dit zijn de kleuren van de regenboog.
graphic
De regenboog ontstaat ook door breking van het licht. Dit wordt veroorzaakt doordat de zonnestralen breken in de regendruppels. De regendruppels zijn een soort van prisma's.
graphic
Bij de juiste omstandigheden is het zelfs mogelijk dat er twee of meer regenbogen boven elkaar zichtbaar zijn. Dit komt doordat er meer(voudige) reflecties in de regendruppels optreden.
graphic
De kleuren van de tweede regenboog die hierbij ontstaat, komen in omgekeerde volgorde te voorschijn. Wanneer we alle kleuren die door een prisma gevormd worden weer in een ander prisma laten vallen, dan ontstaat er weer wit licht. Wanneer we één kleur wegnemen ontstaat er geen wit licht. Isaac Newton
graphic
heeft met zelfgemaakte lenzen in 1665 veel proeven met licht gedaan. Het viel hem op dat de beelden die door de lenzen gevormd werden wazig waren met een smalle ring gekleurd licht eromheen. Na lang slijpen van zijn lenzen concludeerde hij dat het probleem niet bij de lenzen lag, maar dat het werd veroorzaakt door de breking van het licht. Na nog meer proeven lukte het hem om met een prisma een spectrum te maken.
Maar waarom valt wit licht uiteen als het door een prisma valt? Dit wordt veroorzaakt doordat elke kleur een eigen golflengte heeft. Het passeren van een prisma belemmert de beweging van de golven. Elke golf wordt gebogen. De kleur met de hoogste golflengte (rood) buigt het minst af en de kleur met de laagste golflengte (violet) buigt het meest af.

graphic